Werkgever weigert doorbetaling salaris

Werkgever heeft het loon van werknemer stopgezet omdat werknemer ten onrechte geweigerd zou hebben deel te nemen aan mediation. Werknemer zou hiermee zijn herstel vertragen. Werknemer vordert in een kort geding met succes doorbetaling van zijn loon.

Feiten
Werknemer is in dienst bij werkgever in de functie van algemeen directeur, niet zijnde statutair directeur. In 2009 onderhandelen werknemer en werkgever over de verwerving van aandelen door werknemer in de werkmaatschappijen van werkgever. Die onderhandelingen lopen stuk waardoor de arbeidsrelatie van partijen onder druk komt te staan. Vanaf april 2011 wordt werknemer volledig arbeidsongeschikt verklaard.

Mediation
Verscheidene huisbezoeken door de bedrijfsarts vinden plaats en de bedrijfsarts geeft aan dat het raadzaam zou zijn als werknemer naast het volgen van de doktersvoorschriften ook een mediationtraject zou volgen met werkgever.

Salarisbetaling stopgezet
Vervolgens is twee keer getracht mediation op te starten maar dat is beide keren niet gelukt omdat partijen het niet eens konden worden over de condities. Daarna heeft werkgever eind december 2011 de salarisbetalingen stopgezet met een beroep op artikel 7:629 lid 3 aanhef en onder b BW. Op grond van voornoemd artikel mag de werkgever het loon stopzetten indien de genezing door toedoen van de werknemer wordt belemmerd of vertraagd. De weigering van werknemer mee te werken aan mediation zou de genezing belemmeren of vertragen, aldus werkgever.

De beoordeling door de rechter
De rechter oordeelt dat werknemer op grond van artikel 7:629 BW in beginsel 104 weken recht heeft op doorbetaling van zijn loon tijdens ziekte. Blijkens de parlementaire geschiedenis heeft artikel 7:629 lid 3 BW een ruime strekking. De rechter oordeelt dat vanwege de ruime strekking van artikel 7:629 lid 3 aanhef en onder b BW ook sprake kan zijn van vertraging van het genezingsproces als werknemer mediation weigert, mits:

  • a. mediation, gegeven de aard van het conflict, een aangewezen route is;
  • b. aannemelijk is dat (het resultaat van) mediation het herstel van de werknemer zal bevorderen;
  • c. van de werknemer deelname aan mediation in redelijkheid kan worden gevergd.

Redelijke slagingskans
In beginsel zou mediation een aangewezen route voor het oplossingen van het conflict kunnen zijn. Aan voorwaarde a is voldaan. De rechter oordeelt vervolgens dat aan voorwaarde b niet is voldaan. Werkgever heeft niet gesteld dat de mediation een redelijke kans van slagen heeft. Daarnaast acht de rechter het aannemelijk dat mediation in het onderhavige geval tot hogere spanningen zal leiden. Nu niet aan voorwaarde b is voldaan, kan de rechter in het midden laten of deelname aan mediation in redelijkheid van werknemer gevergd kan worden.

De vordering van werknemer tot betaling van zijn salaris wordt toegewezen.

Bron: www.rechtspraak.nl, LJN-nr BV6626

Dit artikel is geschreven door Mieke Dijkman, werkzaam bij Van Diepen Van der Kroef Advocaten.