We groeien maar door

Nederlanders zijn de langste mensen ter wereld. Een verdienste van goede voeding en zorg. Maar veel heb je niet aan die lange ledematen achter een bureau, meent een panel van biologen en antropologen. We zijn tenslotte geen jager-verzamelaar meer.

The New York Times legde aan twee biologen, drie antropologen en een econoom de vraag voor of groei vooruitgang betekent. In de basis wel, betogen zij in hun artikelen, maar uiteindelijk betalen we er een prijs voor.

Het gezelschap is het erover eens dat de lengte van bepaalde volkeren meer te maken heeft met de beschikking over goede voeding, hygiëne en medicijnen in hun jeugd, dan met natuurlijke selectie. Het is bijvoorbeeld een fabeltje dat lange mensen in platte landschappen overleefden omdat ze eerder hun prooi in het vizier kregen.

Zorgstelsel als dierentuinkooi
Vooral de zorgstelsels dragen bij aan de lengte, denkt hoogleraar primatengedrag Frans de Waal. Daarin trekt hij een vergelijking met dierentuindieren. “Het is welbekend dat dieren in gevangenschap groter worden en langer leven dan dieren in het wild. De gemiddelde levensduur van chimpansees is minstens tien jaar langer in gevangenschap.” Nederlanders zijn het langste volk ter wereld, weet De Waal. Maar hun groei is in 2001 tot stilstand gekomen. Dat kan volgens hem een aanwijzing zijn dat het ‘genetische limiet’ bereikt is. Ofwel: we hoeven ons geen zorgen te maken dat we eindeloos doorgroeien.

We zitten op het verkeerde dieet
Misschien moeten we helemaal niet blij zijn met die lange ledematen, schrijft evolutiebioloog Daniel Liebermann. De groei is namelijk ingezet in het tijdperk van onze voorouders, die jager-verzamelaar waren. Een lang lichaam heeft meer behoefte aan lichaamsbeweging dan een kort lichaam, weet hij. Daar past een dieet bij met veel proteïnen en vezels, in plaats van de verzadigde vetten en suikers waar ons menu rijk aan is. Nu betalen we volgens hem de prijs voor onze groeispurt. In de vorm van obesitas en gerelateerde aandoeningen als diabetes, kanker en hart- en vaatziektes.

Dat nadelige effect beaamt hoogleraar antropologie Richard Bribiescas. “De hormonen die groei bevorderen kunnen later tot kanker leiden. Houd in gedachten dat groei altijd ten koste gaat van iets.” Grotere lichamen hebben meer calorieën nodig, voegt antropoloog Josh Snodgrass hier aan toe. Hoe voller het bord, hoe groter de kans op “een variëteit aan kankers”.

Maar lengte is wel een handige welvaartsindicator
Desondanks krijgen lange mensen in onze samenleving meer waardering dan korte, schrijft medisch antropoloog Alexandra Brewis. “Maar die toewijzing van kwaliteiten aan lange mensen is volstrekt willekeurig”, aldus de hoogleraar. Er zijn volgens haar ook samenlevingen waarin juist een kleine gestalte de voorkeur verdient. “Als de sociale en ecologische omstandigheden veranderen zijn kleine mensen mogelijk weer in het voordeel.”

Alleen Angus Deaton is onverminderd positief over de groeiende mens. De hoogleraar economie en internationale betrekkingen ziet de lengte van een volk als handige indicator voor welvaart. “Een wereld met alleen maar lange mensen is er één waar kinderziektes en ondervoeding zijn overwonnen.”