Ontbindingsverzoek afgewezen na verdwijnen geld uit kluis

Hoewel de werkgever geen of onvoldoende bewijs heeft voor de vermoedelijke betrokkenheid van een werknemer bij de diefstal of verduistering van bedrijfsgelden, wil hij toch de arbeidsovereenkomst beëindigen.

Een werkneemster werkt al sinds juli 2000 bij kledingwinkel Promiss, laatstelijk in de functie van Assistent Storemanager. Op enig moment verdwijnt er € 3660 uit de kluis van Promiss. De werkneemster was op dat moment verantwoordelijk voor de gang van zaken in het filiaal. Uit een door Promiss ingeschakeld onderzoekbureau volgt dat de werkneemster ‘uiterst laakbaar’ zou hebben gehandeld: zij heeft de interne regels en controlevoorschriften niet, althans onvoldoende opgevolgd.

Geen toezicht op naleving interne voorschriften
De kantonrechter wijst het ontbindingsverzoek af omdat de filiaalhandleiding door Promiss niet systematisch en nauwgezet gecontroleerd is op naleving. Er is door Promiss nooit een gerichte waarschuwing gegeven dat niet opvolgen van de voorschriften ontslag tot gevolg zou kunnen hebben. Nu in het geheel niet is komen vast te staan door wie de diefstal en/of verduistering is gepleegd en Promiss zelf besloten heeft de politie niet in te schakelen, wordt ontslag als een onevenredig zware sanctie voor werkneemster gezien. Het speelt mee dat de werkneemster heeft aangeboden om in een ander filiaal de werkzaamheden te continueren.

Kantonrechter Maastricht, 1 september 2011, LJN: BW6780

Tip
Om je als werkgever richting werknemer te kunnen beroepen op niet naleving van interne voorschriften is het van belang om regelmatig 1) te controleren of de voorschriften worden opgevolgd en 2) kenbaar te maken wat de gevolgen van niet opvolgen zijn.